Tips & tricks · 3 min lezen
5 aandachtspunten bij veilig babydragen
Je baby dicht bij je dragen is heerlijk en veilig, zolang je enkele eenvoudige basisregels respecteert. Deze vijf aandachtspunten helpen je op weg.
De basis: veilig en ergonomisch
Een goede draaghouding zorgt voor een veilige ademhaling van je baby en een gezonde ontwikkeling van de heupjes, en spaart jouw rug en schouders. Internationaal wordt vaak de TICKS-regel gebruikt. We overlopen de vijf punten.
1. Strak genoeg
Draag je baby stevig tegen je aan. Een te losse draagdoek of draagzak laat je baby wegzakken, wat de ademhaling kan belemmeren. Strak wil niet zeggen oncomfortabel: het houdt je baby juist mooi ondersteund.
2. Altijd in het zicht
Je moet het gezichtje van je baby steeds kunnen zien door even naar beneden te kijken. Zorg dat stof of de draagdoek het gezicht niet bedekt.
3. Dicht genoeg om te kussen
Het hoofdje van je baby zit zo hoog dat je het makkelijk kan kussen als je je hoofd lichtjes buigt. Zo draag je je baby op de juiste hoogte.
4. Kin van de borst
Houd minstens een vingerbreedte ruimte onder de kin van je baby. Een kin die op de borst gedrukt wordt, kan de luchtweg afknellen. De rug is licht gebold, het hoofdje mooi ondersteund.
5. Ondersteunde rug en M-houding
De rug van je baby wordt over de hele lengte ondersteund, in een natuurlijke, licht gebogen houding. De beentjes zitten in een M-vorm: knieën hoger dan de billen. Dat is het beste voor de heupontwikkeling.
Liever samen oefenen?
Twijfel je of je je baby correct draagt? Onze draagconsulente helpt je bij jullie thuis met de juiste techniek en het kiezen van een draagsysteem dat bij jullie past.